de ceintuur

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [sɛnˈtyr]
Verbuigingen:  ceintuur|s (meerv.)

riem om je middel over een jurk, rok of jas
Voorbeeld:  `een mooie ceintuur van rood leer`

© Kernerman Dictionaries.

Spelling
Correct gespeld: 'ceintuur' komt voor in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie en in de spellingwoordenlijst van OpenTaal.

5 definities op Encyclo
I.) Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (...uren), gordel, band.
II.) [zelfstandig naamwoord]• riem of band voor om je middel vb:dit is een jurk met ceintuur zelfstandig naamwoord: cen-tuurde ceintuur de centuren het ceintuurtje
III.) siergordel
IV.) om het middel gedragen band van stof, leer of metaal, meestal met een sluiting, die over een kledingstuk, meestal een jurk of een jas, heen wordt gedragen om die in de ta...
V.) 1) Buikband 2) Band om het middel 3) Band 4) Broekriem 5) Degenhanger 6) Deel van een jas 7) Deel van een kledingstuk 8) Gordel 9) Kleding 10) Kledingstuk of schoeisel 11...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 93% van de Vlamingen het woord `ceintuur`.

Herkomst volgens etymologiebank.nl
ceintuur (gordel)