Spreekwoorden met `é ka`

Zoek


107 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `é ka`

  1. `t Is gelijk of men van/door de kat of de kater/hond gebeten wordt (=het maakt niet uit hoe of waardoor je benadeeld bent geweest)
  2. aan alle kapelletjes aanleggen (=alle cafés onderweg bezoeken)
  3. aan het verkeerde kantoor zijn (=iemand die je niet kan helpen)
  4. als de kalveren op het ijs dansen (=nooit)
  5. als de kan vol is, loopt zij over. (=als je te veel drinkt komt het er weer uit)
  6. als de kat om de hete brij heen draaien (=iets wel willen, maar het niet durven)
  7. als de kat van honk is dansen de muizen op tafel (=als er geen toezicht is, doen de ondergeschikten hun zin)
  8. als de kat zich wast, komt er gewis een gast (=als de kat zich wast komt er visite.)
  9. als de wijn is in de man, is de wijsheid in de kan (=drank verdringt gezond verstand)
  10. als het bier is in de man dan is de wijsheid in de kan (=van dronkaards verwacht men geen verstandige woorden)
  11. als het in de kajuit regent ,druipt het in de hut (=als de baas problemen heeft, krijgen ook de ondergeschikten hun deel)
  12. bij nacht zijn alle katjes grauw en alle mondjes even nauw (=als het erop aankomt zijn we allen gelijk)
  13. daar komt de zwarte kat in (=daar komt ruzie van)
  14. de boter en de kaas te dik gesneden hebben (=te veel verteerd hebben)
  15. de derde streng houdt de kabel. (=alle goede dingen bestaan in drieën)
  16. de gekken krijgen de beste kaarten (=het geluk is met de dommen)
  17. de gekken krijgen de kaart (=dwaze en onverstandige mensen krijgen hun gelijk of ze dat hebben of niet)
  18. de grote kaars gaat uit (=de zon gaat onder)
  19. de kaap te boven zijn (=het probleem overwonnen hebben)
  20. de kaart leggen (=de toekomst voorspellen)
  21. de kaart van het land kennen (=de omstandigheden kennen)
  22. de kaas niet van het brood laten eten (=de voordelen niet zomaar laten afpakken)
  23. de kam opzetten (=zich verweren, zich tonen)
  24. de kan aanspreken (=drinken)
  25. de kans schoon zien (=van de gelegenheid gebruik maken)
  26. de kantjes er van aflopen (=zijn best niet doen)
  27. de kap aan de haag hangen (=het voor gezien houden)
  28. de kap maakt de monnik niet (=aan het uiterlijke kan men het innerlijke niet beoordelen)
  29. de kap op de tuin werpen (=zijn priester- of kloostergelofte verbreken)
  30. de kap over de haag smijten (=zijn priester- of kloostergelofte verbreken)
  31. de kap/sluier/habijt aannemen (=in een klooster gaan)
  32. de kast indraaien. (=in de gevangenis komen.)
  33. de kastanjes voor iemand uit het vuur halen (=voor iemand anders het gevaarlijke werk of een lastig klusje doen)
  34. de kat bij de melk zetten (=iemand in verleiding brengen)
  35. de kat bij het spek zetten (=iemand in verleiding brengen)
  36. de kat de bel aanbinden (=als eerste een begin maken aan iets moeilijks (een lastige klus of een ingewikkeld gesprek))
  37. de kat heeft het gedaan (=niemand is de schuldige)
  38. de kat in de gordijnen jagen (=iemand goed kwaad maken)
  39. de kat in het donker knijpen (=kwaad doen waar niemand het ziet)
  40. de kat op het spek binden (=iemand volop de gelegenheid geven zich te vergrijpen aan wat hij wil, maar beslist niet mag hebben)
  41. de kat uit de boom kijken (=een afwachtende houding aannemen)
  42. de kat van de bakker heeft het gedaan (=niemand is de schuldige)
  43. de liefde kan niet van één kant komen (=als je samen iets doet zal ieder moeten bijdragen)
  44. de mug uitzuigen en de kameel doorzwelgen (=de onschuldige straffen en zelf schaamteloos zondigen)
  45. de muizen sterven er voor de kast (=het is er armoe troef)
  46. de scherpe kantjes er van afhalen. (=iets verzachten of minder extreem maken)
  47. de spiering doet de kabeljauw afslaan (=veel slechte waar op de markt doet de prijzen van de goede waar dalen)
  48. de troffel in de kalkbak gooien (=zijn beroep opgeven en van zijn rente gaan leven)
  49. door de kajuitsramen aan boord komen (=onmiddellijk bevelhebber worden, zonder eerste ondergeschikte te zijn geweest)
  50. een kink in de kabel komen (=iets tussen komen)

68 betekenissen bevatten `é ka`

  1. de kap maakt de monnik niet (=aan het uiterlijke kan men het innerlijke niet beoordelen)
  2. vragen kost geen geld (=al heb je weinig kans, je kan het in elk geval maar vragen)
  3. als de kat zich wast, komt er gewis een gast (=als de kat zich wast komt er visite.)
  4. hoop doet leven (=als je kan hopen op betere tijden, dan krijg je toch weer levenslust / zo lang je nog hoop hebt zijn er ook nog mogelijkheden)
  5. vasthouden aan een strootje (=blijven hopen op een kleine kans.)
  6. bomen ontmoeten elkaar niet, mensen wel (=de kans dat je iemand toevallig tegenkomt is groot)
  7. er dik in zitten (=de kans is groot dat het zo is)
  8. de gelegenheid bij de haren grijpen (=de kans niet laten voorbijgaan)
  9. aan een zijden draadje hangen (=de kansen zijn nog niet verkeken, maar het scheelt erg weinig)
  10. fris gewaagd is half gewonnen (=de moedigste heeft de meeste kansen om iets te winnen)
  11. het gras voor de voeten wegmaaien (=de woorden uit de mond nemen - alle kansen ontnemen)
  12. de achilleshiel (=de zwakke kant/plek van iets)
  13. het zit eraan bij hem/haar (=diegene kan het betalen, er is genoeg)
  14. je kan niet door een muur lopen, behalve als er een deur in zit (=dingen kunnen alleen gedaan worden als er een reële kans toe is)
  15. voor het inkoppen hebben (=een eenvoudige kans om in een discussie een punt te maken dankzij een voorzet van een ander)
  16. een goed begin is het halve werk (=een goed begin vergroot de kans op een goede afwerking)
  17. hoge ogen gooien (=een goede kans maken op iets)
  18. het is kruis of munt, zei de non en ze trouwde de bankier (=een keuze voor het materiële kan ten koste gaan van het spirituele)
  19. belofte is een hemd der dwazen (=een nietszeggende belofte kan toch tijdelijk gelukkig maken)
  20. nood doet zelfs oude vrouwen rennen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
  21. donderbuien zuiveren de lucht. (=een ruzie kan een hangende situatie oplossen)
  22. de vijl erover laten gaan (=er de scherpe kantjes van afhalen)
  23. de maan komt al door de bomen/wolken (=gezegd van iemand die kaal begint te worden)
  24. de vogel over het net laten vliegen (=goede kansen niet aangrijpen)
  25. het is gezond om in het vuur te pissen (=het is goed om hevigheid te kalmeren)
  26. het kan vriezen en het kan dooien (=het kan alle kanten uit gaan)
  27. het mes snijdt aan twee kanten (=het levert dubbel voordeel op (NL.) Er zijn niet alleen voordelen aan verbonden, je kan eender wat vanuit verschillende en zelfs tegengestelde standpunten bekijken (BE).)
  28. er is geen huis met hem te houden (=hij is niet tevreden te stellen, je kan er geen land mee bezeilen)
  29. het huilen staat hem nader dan het lachen (=hij ziet er vooral de trieste kant van)
  30. er een handje van hebben (=hinderlijke gewoonte, als iemand de kans ergens toe ziet die ook nemen, een ander het werk laten doen)
  31. hutje bij mutje leggen (=ieder draagt bij voor het deel dat die kan)
  32. iemand het gras voor de voeten wegmaaien (=iemand alle kansen ontnemen)
  33. bij het scheiden van de markt leert men de kooplui kennen (=iemands ware karakter blijkt pas als het erop aankomt)
  34. elke medaille heeft een keerzijde (=iets van twee kanten bekijken, aan iedere zaak zitten twee kanten, vaak een positieve en minder positieve kant)
  35. het gelaat is de spiegel der ziel. (=je kan aan iemands` gezicht zien of hij een goed karakter heeft)
  36. geen schoner gewaad als een zedig gelaat. (=je kan aan iemands` gezicht zien of hij een goed karakter heeft)
  37. je bent nooit te oud om te leren (=je kan altijd nog bijleren)
  38. beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald (=je kan beter iets voortijdig stoppen dan doorgaan tot het helemaal verkeerd gaat)
  39. vreemde zorgen doden de ezel. (=je kan dingen het beste zelf doen)
  40. wie veel eist krijgt veel. Wie te veel eist krijgt niets (=je kan door het te vragen veel bij mensen gedaan krijgen, maar als je onredelijk wordt zal je worden overgeslagen)
  41. de liefde van een man gaat door de maag. (=je kan een man veroveren met goede kookkunst en lekker eten.)
  42. er is geen rooi mee te schieten (=je kan er niets mee aanvangen)
  43. kallen is mallen maar doen is een ding (=je kan het beter doen dan er altijd maar over blijven praten)
  44. men kan zijn kinders wel minnen maar niet zinnen (=je kan je kinderen graag zien, maar ze hebben een eigen aard)
  45. leringen wekken maar voorbeelden trekken (=je kan mensen iets willen leren , maar geef vooral het goede voorbeeld)
  46. er is geen land met hem te bezeilen (=je kan met hem niets aanvangen, omdat hij niet wil meewerken)
  47. allemans vriend is iedermans nar (=je kan niet voor iedereen goed doen)
  48. je kan wel dansen al is het niet met de bruid (=je kan ook wel tevreden zijn met iets minder dan het beste)
  49. een vogel zingt zowel van armoe als van weelde. (=je kan positief zijn onder alle omstandigheden)
  50. het ijzer smeden als het heet is (=je moet op het juiste moment de kansen grijpen en dingen doen)

Eén dialectgezegde bevat `é ka`

  1. e ka geine poit pissen (=hij kan niets) (Aalsters)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen