de zweep

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [zwep]
Verbuigingen:  zwepen (meerv.)

stok met een lange reep leer of een touw eraan
Voorbeelden:  `de zweep laten knallen`,
`rijzweep`
De zweep erover!  (<dit zeg je als je vindt dat iemand streng moet worden aangepakt>)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
karwats roede

Spreekwoorden en zegswijzen
• met de zweep erachter zitten (=opjagen)
• het klappen van de zweep kennen (=precies weten hoe het eraan toegaat, ervaren zijn)
• de zweep erop leggen (=afdrijven, opjagen)
Naar de spreekwoorden

8 definities op Encyclo
  • stok met reep leer eraan vb: het paard werd geslagen met een zweep het klappen van de zweep kennen [ervaren zijn]
  • •een handwapen in de vorm van een lang ineengedraaid stuk leer dat met een zwiepende beweging pijnlijke slagen uit kan delen.
  • In de SM zijn er heel veel verschillende soorten zwepen. Hoofdcategorieën zijn paardrijzwepen, strokenzwepen en bullwhips.
  • Uit `De lagere vaktalen: De steenbakkerstaal` 1914 dunne spar aan de brug.
  • Een zweep is een koord of een riem (soms een soepele tak, zoals van de tamarinde), meestal met een handvat. Zwepen zijn bedoeld om mensen of dieren klappen te geven, om ...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met zweep:
    zweep aanzweepdiertjezweepdraadzweepdradenzweepslagzweepslagenzweeptzweeptezweeptenzweeptolzweeptollen

    Deze woorden eindigen op zweep:
    aanzweeprijzweep

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    zweep (soort karwats)