• zo komt het luie zweet eruit (=gezegd van iemand die hard werkt) • met de zweep erachter zitten (=opjagen) • het klappen van de zweep kennen (=precies weten hoe het eraan toegaat, ervaren zijn) • eten dat je zweet en werken dat je het koud krijgt, dat zijn de waren. (=slecht personeel. Uit de tijd dat meiden en knechts bij de boer in de kost waren.) • een zweetje op iets halen (=zich ergens fel voor inspannen) Toon alle 8 spreekwoorden die zwee bevatten
4 definities op Encyclo
zwei; vand.: gewone, normale levenswijze, doening - Voorbeeld: ‘Toen is de man sedert lang weer in zijn oud spoor en gewone zwee teruggekeerd’
Uit `De lagere vaktalen: Taal der smeden en koperslagers ` 1914 een juist rechthoekige schrijflat om langs af te teekenen.