het zelfvertrouwen

zelfst.naamw.
Uitspraak:  zɛlfərtrɑuwə(n)]

gevoel dat je niemand anders nodig hebt om te bereiken wat je wilt
Voorbeelden:  `zelfvertrouwen uitstralen`,
`zelfvertrouwen kweken`,
`gebrek aan zelfvertrouwen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
stelligheid vastberadenheid zekerheid zelfverzekerdheid

Intensiveringen
Hoe kun je zelfvertrouwen krachtiger uitdrukken?
blaken van zelfvertrouwen;

4 definities op Encyclo
  1. geloof in zichzelf Jaar van herkomst: 1784 (WNT )
  2. vertrouwen op je eigen mogelijkheden vb: hij heeft veel zelfvertrouwen
  3. 1) Allure 2) Aplomb 3) Doortastendheid 4) Stelligheid 5) Vastberadenheid 6) Vertrouwen in eigen waarde 7) Zekerheid 8) Zelfverzekerdheid
  4. Zelfvertrouwen is het gevoel van eigenwaarde. Letterlijk betekent het het vertrouwen van een persoon in zichzelf in dat wat hij of zij kan of hoe diegene is. Zelfvertrouw...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
zelfvertrouwen (geloof in zichzelf)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `zelfvertrouwen` kennen.