vouwen

werkw.
Uitspraak:  ['vɑuwə(n)]
Vervoegingen:  vouwde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gevouwen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

een vouw maken door een stuk textiel, papier enz. op een ander stuk van dezelfde kant te leggen
Voorbeelden:  `Vouw jij je onderbroeken?`,
`Vouw de brief tweemaal in de breedte.`,
`een hoedje vouwen`,
`opvouwen`
je handen vouwen  (je handen zo bij elkaar doen dat elke vinger naast een vinger van de andere hand ligt, als je gaat bidden)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
opvouwen

7 definities op Encyclo
  1. het dubbelslaan en de rand plat maken vb: hij vouwde de krant in vieren samendoen vb: ze vouwde haar handen toen ze ging bidden
  2. Wordt gebruikt voor delen van een object of materiaal die gevouwen zijn, dat wil zeggen dat deze delen van het object of materiaal over elkaar heen vallen. Gebruik `kreuk...
  3. •twee delen over een naad tezamen buigen. (+audio)
  4. 1) Boekbindersterm 2) In plooien vallen 3) Klappen 4) Opvouwen 5) Plooien maken 6) Pliëren 7) Plooien 8) Papier dubbelslaan
  5. Het in een regelmatige volgorde vouwen van een drukvel tot folder of katern, kan met de hand of machinaal. Het drukvel krijgt hierdoor de gewenste vorm voor verdere verwe...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op vouwen:
dubbelvouwengevouwenomgevouwenontvouwenopgevouwenopvouwensamengevouwenopenvouwentoegevouwenuitgevouwen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
vouwen (plooien)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `vouwen`.