vissen

werkw.
Uitspraak:  ['vɪsə(n)]
Vervoegingen:  viste (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gevist (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

vis proberen te vangen
Voorbeelden:  `Verboden te vissen.`,
`op haring vissen`
achter het net vissen  (te laat komen, waardoor iemand anders heeft gekregen of genomen wat jij wilde hebben)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
hengelen hengelsport visvangen

Spreekwoorden en zegswijzen
• wie ’s nacht gaat vissen moet overdag zijn netten drogen (=Wie te veel heeft gedronken is de volgende dag niets waard)
• voor een vissers deur vissen (=vergeefse moeite doen)
vissen hebben een goed leven (=het gelag niet betalen)
• tussen de mazen (van het net) vissen (=creatief te werk gaan)
• naar iets vissen (=iets trachten te achterhalen)
Toon alle 12 spreekwoorden die vissen bevatten

13 definities op Encyclo
  1. vis uit het water proberen te halen vb: de visser viste op paling erachter proberen te komen vb: hij zat te vissen naar wat er precies gebeurd was vissen naar een complim...
  2. 1> het op
  3. In de meeste Drentse wateren zoals beken, meren, sloten, zandwinplassen en kanalen voorkomende diergroep met totaal ca. 29 soorten. Vissen komen het meest soortenrijk en ...
  4. Tussen de Ram en de Waterman in de ecliptica, bevindt zich een gebied met heel weinig heldere sterren. Hier ligt het sterrenbeeld Vissen. Het sterrenbeeld Vissen loopt he...
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. mv. naam van een der teekens van den dierenriem, (aangeduid door ). ~, [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik vischte, heb gevi...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met vissen:
vissen naarvissenkopvissenkoppen

Deze woorden eindigen op vissen:
ansjovissenbruinvissendwergvinvissengoudvisseninktvissenkogelvissenkoolvissenopvissenpijlinktvissenplatvissenpotvissenriviervissenroofvissenschelvissenstokvissensportvissenuitvissenwalvissenzaagvissenzwartvissen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
vissen

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `vissen` kennen.