de viroloog

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [viro'lox]
Verbuigingen:  viro|logen (meerv.)

de viro|loge

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [viro'|loxə]
Verbuigingen:  virologe|n (meerv.)

specialist in virussen en virusziekten medisch
Voorbeeld:  `Iemand die zich gespecialiseerd heeft in de virologie, noem je een viroloog.`

© Kernerman Dictionaries.

2 definities op Encyclo
  1. 1) Beoefenaar van de leer van de virussen 2) Beroep 3) Kenner en beoefenaar van de virologie 4) Virusonderzoeker
  2. wetenschapper die zich bezighoudt met de studie van virussen en virusziekten
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 95% van de Vlamingen het woord `viroloog`.