de verpleger

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [vər'plexər]
Verbuigingen:  verpleger|s (meerv.)

man die als beroep zieke mensen verpleegt
Voorbeeld:  `In mijn jaar waren er, opvallend genoeg, drie jongens die verpleger wilden worden.`
Antoniem:  verpleegster
Synoniemen:  verpleegkundige, broeder

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
broe broeder diaken hulp oppasser verzorger wachter ziekenbroe ziekenbroeder ziekenoppasser

3 definities op Encyclo
  1. • [beroep] iemand met de opleiding tot het geven van verpleegkundige zorg.
  2. 1) Beroep 2) Broeder 3) Diacoon 4) Diaken 5) Helper van zieken 6) Hulp 7) Medisch beroep 8) Oppasser 9) Verpleegkundige 10) Verzorger 11) Wachter 12) Ziekenbewaarder 13) ...
  3. iemand die zich voor zijn beroep bezighoudt met de verpleging, verzorging van zieken en hulpbehoevenden; man die zich voor zijn beroep bezighoudt met de verpleging, verzo...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met verpleger:
verplegers

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `verpleger`.