trijs als dialectwoord
-voornaam: Beatrice (Kaprijks)  

5 definities op Encyclo
  • [Let op: mogelijk oud Nederlands van 1400-1800] takel op een schip
  • 1) Deel van een schip 2) Deel van een zeilboot 3) Hijsbalk met katrol 4) Hijswerktuig 5) Takel 6) Touw 7) Scheepstouw 8) Hijstouw 9) Bras
  • 1> takel waarmee de boom van een sprietzeil versteld werd; de spriettalie . 2> verouderde term voor takel . Voor de oorspronkelijke betekenissen zie bij trijsen .
  • takel
  • takel (toon de herkomst via de etymologiebank)
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met trijs:
trijsen

Deze woorden eindigen op trijs:
matrijspatrijsentrijs

Herkomst volgens etymologiebank.nl
trijs (takel)

Op andere websites
Zoek trijs in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek trijs op Google
Zoek trijs op Woordenlijst.org
Zoek trijs in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek trijs op Wikipedia