de stront

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [strɔnt]

1) poep
Voorbeeld:  `Er ligt veel hondenstront op straat.`
stront in je ogen hebben  ((iets dat duidelijk zichtbaar is) niet zien)
in de stront zitten  (problemen hebben)

2) ruzie
Voorbeeld:  `Die twee hebben stront.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
drek gedonder kak penarie poep schijt

Intensiveringen
Hoe kun je met stront een ander begrip versterken?
stronteigenwijs; strontvervelend; strontzat; zeven kleuren stront schijten;

7 definities op Encyclo
  1. toestand van kwaad zijn op elkaar vb: hij heeft weer stront met zijn vrienden Synoniemen: bonje ruzie conflict onenigheid geschil ongenoegen onvrede wrijving twist onvert...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. [geen meervoud] uitwerpsel (van menschen of dieren); drek; [spreekwoord] er is - aan den knikker, er is onraad, de zaak is niet in o...
  3. Spreekwoorden: (1914) Stront komt in platte volkstaal dikwijls voor; o.a. in de beteekenis ruzie (vgl. hd. stänkerei; stänkern, stänker, twistzoeker); zie ...
  4. •poep • [scheikunde
  5. 1) Drek 2) Gedonder 3) Kak 4) Penarie 5) Poep 6) Poepjes 7) Ruzie (barg.) 8) Schijt
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stront:
strontenstrontiumstrontiumatoomstrontje

Deze woorden eindigen op stront:
poppenstront

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. stront (in pejoratieve samenstellingen)
  2. stront (vaste uitwerpselen)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `stront`.