stor als dialectwoord
Gordijn (Spalbeeks)  

Spreekwoorden en zegswijzen
• wie wind zaait zal storm oogsten (=wie kwaad doet, zal er uiteindelijk zelf de gevolgen van dragen)
• vliegt de blauwvoet storm op zee (=leuze van de Vlaamse nationalisten (ontleend aan Conscience))
storm in een glas water (=ophef over niets)
• quod attestor (=zo getuig ik)
• om de kracht van het anker te voelen moet men de storm trotseren (=pas als men iets ernstig meemaakt, weet men op wie men kan vertrouwen)
Toon alle 12 spreekwoorden die stor bevatten

3 definities op Encyclo
  • 1) Rivier in Sleeswijk-Holstein
  • 1) Water 2) Rivier in Denemarken
  • De 'Stör' is een rechtse zijrivier van de Elbe in de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein. De Stör ontspringt 15 km zuidoostelijk van Neumünster nabij Willingrade in de Kreis Segeberg.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stor:
storaxstorestorenstoren aanstorendstoringstoringsvrijstoringvrijstoringzeefstormstorm in een glas waterstormachtigstormbaanstormbuistormdepressiestormenstormenderhandstormfokstormigstormlamp
Toon alle woorden die beginnen met stor

Deze woorden eindigen op stor:
transistorthyristorthermistorstudentenpastorraadsnestorquaestorpolyhistorpastornestorfototransistorexhaustoraastor
Toon alle woorden die eindigen op stor

Op andere websites
Zoek stor in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek stor op Google
Zoek stor op Woordenlijst.org
Zoek stor in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek stor op Wikipedia