stoer

bijv.naamw.
Uitspraak:  [stur]

als je flink doet en daar indruk mee wilt maken, of als iets daar blijk van geeft
Voorbeelden:  `een stoere meid`,
`stoere taal uitslaan`,
`een stoer jack`
stoer doen  (flinker doen dan je bent)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
breedgeschouderd ferm flink tenger (antoniem)

6 definities op Encyclo
  • Stoer (Schots-Gaelisch: An Stòr) is een plaats in de Schotse Hooglanden in het historisch graafschap Sutherland en ligt ongeveer 8 kilometer van Lochinver. In de buurt ...
  • sterk zijn en veel durven vb: het was stoer van hem dat hij op de vechters af liep een stoer jack [waarmee je er stoer uitziet] stoer doen [je flinker voordoen dan je ben...
  • [Vergeten woorden] (bn. stoerder, stoerst) groot, groots, sterk, geweldig, vermogend [= Noors stor, IJslands stór]
  • 1) Boud 2) Breedgeschouderd 3) Dapper 4) Doortastend 5) Ferm 6) Fier 7) Flink 8) Flink en fors 9) Flink en sterk 10) Fors 11) Fors en flink 12) Gespierd 13) Groot en ster...
  • Karakterisering van stevige, krachtige, meestal nog jonge wijnen. Vaak zijn ze niet zacht of elegant. Bij de betere wijnen zal echter de zachtheid toenemen naarmate de wi...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met stoer:
    stoerheid

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    stoer (fors)