socializen

werkw.
Afbreekpatroon:  'so - cia - li - zen
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  socializede (verl.tijd )
Vervoegingen:  gesocialized (volt.deelw.)

informeel communiceren mens
Voorbeeld:  `met je vrienden socializen in een restaurant`
Synoniem:  persoonlijke contacten onderhouden