smijten

werkw.
Uitspraak:  [ˈsmɛitə(n)]
Vervoegingen:  smeet (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gesmeten (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

hard gooien
Voorbeeld:  `je spullen op tafel smijten`
met de deur smijten  (de deur met een klap dichtdoen (omdat je boos bent))
eruit smijten  ((iemand) je huis uit zetten)
eruit smijten  ((iemand) ontslaan)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
donderen gooien smakken

Spreekwoorden en zegswijzen
• de kap over de haag smijten (=zijn priester- of kloostergelofte verbreken)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  1. met een zwaai uit je hand loslaten zodat het ergens anders terechtkomt vb: hij smeet zijn tas in een hoek iemand iets naar het hoofd smijten [hem met harde woorden een ve...
  2. wenden van een schip [zie ook: smijt].
  3. •hard gooien of werpen.
  4. 1) Donderen 2) Fazelen 3) Flikkeren 4) Gooien 5) Hard gooien 6) Hardhandig gooien 7) Keilen 8) Kieperen 9) Kletsen 10) Kogelen 11) Kwakken 12) Lazeren 13) Met geweld gooi...
  5. werpen Jaar van herkomst: 1340-1350 (MNW )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op smijten:
wegsmijtenoverhoopsmijten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
smijten (hardhandig gooien)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `smijten`.