de slipper

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈslɪper]
Verbuigingen:  slipper|s (meerv.)

schoen zonder hiel
Voorbeelden:  `na het bad slippers aandoen`,
`teenslippers`

© Kernerman Dictionaries.

5 definities op Encyclo
  1. schoen zonder hiel vb: in de zomer draag ik altijd slippers
  2. 1) Badschoen 2) Dier 3) Dwarsligger 4) kledingstuk 5) Luchtig schoeisel 6) Pantoffel 7) Pantoffeldiertje 8) Pantoffelslak 9) Schoeisel 10) Schoen zonder veters 11) Schuiv...
  3. Een variant is de teenslipper, een slipper die zijn naam ontleent aan een opstaand stukje hout, leer, plastic of ander stevig materiaal, tussen de grote teen en de tweed...
  4. [Vergeten woorden] (bn. slipperder, slipperst) glad, glibberig [= Engels slippery]
  5. pantoffel zonder hiel Jaar van herkomst: 1935 (Aanv WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met slipper:
slippertje

Deze woorden eindigen op slipper:
teenslipper

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. slipper (dwarsligger)
  2. slipper (pantoffel zonder hiel)
  3. slipper


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `slipper`.