Ia de schilder

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈsxɪldər]
Verbuigingen:  -s (meerv.)

Ib de schilderes

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [sxɪldəˈrɛs]
Verbuigingen:  -sen (meerv.)

1) iemand die als beroep schildert (1)
Voorbeeld:  `huisschilder`

2) kunstenaar die met verf werkt
Voorbeelden:  `een zeventiende-eeuwse Hollandse schilder`,
`landschapsschilder`
Synoniem:  kunstschilder

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
huisschilder kunstenaar kunstschilder

9 definities op Encyclo
  1. verver Jaar van herkomst: 1270 (CG I 1, 176 )
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), die schildert (in alle [betekenis(sen)] ). ~ACHTIG, [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (-er, -st), als geschilderd; uitnem...
  3. wie schildert.
  4. kunstenaar die afbeeldingen maakt met verf vb: de schilder maakte een schilderij in olieverf iemand die als beroep muren en kozijnen verft vb: de schilder maakte het hout...
  5. • [beroep] kunstenaar die geschilderde afbeeldingen maakt. • [beroep] handwerksman die huizen schildert.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met schilder:
schilder afschilder overschilderacademiënschilderacademiesschilderachtigschilderachtigheidschilderdeschilderdenschilderenschilderesschildergereischilderijschilderijenschilderijententoonstellingschilderingschilderingenschilderkunstschildermesschildersschilderscholen
Toon alle woorden die beginnen met schilder

Deze woorden eindigen op schilder:
beschilderbrandschilderhuisschilderkunstschildergenreschilderlandschapschilderlandschapsschilderplateelschilderzeeschilder
Toon alle woorden die eindigen op schilder

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. schilder (in ziekte van S~)
  2. schilder (verver)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `schilder` kennen.