de rusttijd

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['rʏstɛit]
Verbuigingen:  rusttijd|en (meerv.)

tijd die bedoeld is om te rusten
Voorbeelden:  `dagelijkse en wekelijkse rusttijden`,
`de rij- en rusttijden van vrachtwagenchauffeurs`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
rust rustpauze rustpoos verpozing

1 definitie op Encyclo
  • de tijd tussen 6 uur 's avonds en 6 uur 's morgens waarin met niet met zegens mocht vissen. Zie ook gesloten tijd
  • Toon uitgebreidere definities