de reu

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [rø]
Verbuigingen:  reu|en (meerv.)

hond van het mannelijke geslacht
Voorbeeld:  `Als je een hond wilt, denk er dan aan dat teven vaak rustiger zijn dan reuen.`
Antoniem:  teef

© Kernerman Dictionaries.

Spreekwoorden en zegswijzen
• een reus op lemen voeten (=schijnbaar sterk maar in feite zwak)
Naar de spreekwoorden

8 definities op Encyclo
  1. mannetjeshond vb: onze Bello is een reu Tegenstelling: teef
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), mannetje van den hond, rekel; [spreekwoord] hij bijt -en en teven, hij laat niemand ongemoeid.
  3. mannetjeshond, ook genaamd rekel
  4. Mannelijke hond(achtige), vos of fret (i.t.t. teef) (z.o. rekel)..
  5. • [dierkunde] een mannelijke hond.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met reu:
reuenreukreukloosreukvermogenreukwaterreukzinreumareumatiekreumatischreunieRéunionsRéunionsereuringreusreusachtigreuteldereuteldenreutelenreuteltreuze
Toon alle woorden die beginnen met reu

Herkomst volgens etymologiebank.nl
reu (mannetjeshond)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `reu`.