de parade

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [paˈradə]
Verbuigingen:  parade|s (meerv.)

feestelijke of plechtige rij lopende soldaten

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
defilé inspectie opvoering show staatsie vertoning voorstelling

Spreekwoorden en zegswijzen
• grote parade en klein garnizoen (=een grote vertoning maar niet veel zaaks)
Naar de spreekwoorden

13 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 parade, Fr., pronk, praal; ook plegtige optogt der soldaten; ook het afweren van eenen stoot (in het schermen). Paradebed, pronk- of staatsiebed...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-s), optocht (inz, bijeenkomst van krijgsvolk tot opluistering van een feest) op zekere bepaalde dagen; wapenschouwing;
  3. feestelijke optocht van soldaten vb: tijdens de paraden demonstreerden zij hun wapens
  4. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Parade``] 1o. Zie Schermkunst, 2o. Zie Rijden. 3o. Een militair schouwspel; de troepen, die P. moeten maken voor eenen vorst of een...
  5. •schouwspel in de vorm van een optocht, al of niet van militaire aard.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met parade:
paradeerparadeerdeparadeerdenparadeertparadepaardjeparades

Deze woorden eindigen op parade:
hitparade

Herkomst volgens etymologiebank.nl
parade (ceremoniële optocht)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `parade` kennen.