opschrokken

werkw.
Uitspraak:  ['ɔpsxrɔkə(n)]
Vervoegingen:  schrokte op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft opgeschrokt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

snel en gretig opeten
Voorbeeld:  `Mijn hond is zo blij als hij zijn eten krijgt dat hij alles in één keer opschrokt.`
Synoniem:  opslokken

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
smakken

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Smakken 2) Verzwelgen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 91% van de Nederlanders en 94% van de Vlamingen het woord `opschrokken`.