opschrikken

werkw.
Uitspraak:  ['ɔpsxrɪkə(n)]
Vervoegingen:  schrikte op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is opgeschrikt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

onverwacht schrikken waarbij je als gevolg van het angstgevoel een snelle en korte beweging maakt
Voorbeeld:  `Ik had hem niet horen binnenkomen en schrok op toen hij opeens langs mij stond.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
schieten schrikken

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Opdrijven 2) Schieten 3) Schrikken 4) Verschrikken
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `opschrikken`.