oormerken

werkw.
Uitspraak:  ['ormɛrkə(n)]
Vervoegingen:  oormerkte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geoormerkt (volt.deelw.)

1) het aanbrengen van gele identificatielabels in de oren van een rund
Voorbeeld:  `gewetensbezwaren tegen het oormerken van runderen`

2) (geld dat nog uitgegeven gaat worden) een bepaalde bestemming geven
Voorbeeld:  `Van het buget is de helft geoormerkt voor doorlopende activiteiten en de wordt jaarlijks toegekend aan projecten.`

© Kernerman Dictionaries.

Herkomst volgens etymologiebank.nl
oormerken

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 90% van de Vlamingen het woord `oormerken`.