nakijken

werkw.
Uitspraak:  [ˈnakɛikə(n)]
Vervoegingen:  keek na (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft nagekeken (volt.deelw.)

1) kijken naar iemand die weggaat
Voorbeeld:  `de auto nakijken tot hij de hoek om gaat`
het nakijken hebben  (iets niet krijgen wat je wel wilde)

2) beoordelen of iets goed is gedaan
Voorbeeld:  `examens nakijken`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
checken controleren correctie nagaan nastaren nazien

Spreekwoorden en zegswijzen
• het nakijken hebben (=te laat in actie zijn gekomen, een ander was je voor)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
Is dit juist: de te wijzigen tekst? Zie de te wijzigen tekst

2 definities op Encyclo
  • kijken of het klopt vb: de leraar heeft de proefwerken nagekeken Synoniemen: checken controleren nagaan inspecteren verifiëren
  • •"iets ~:" corrigeren van een geschreven tekst of huiswerk •"iets-iemand ~" : op blik werpen op (iets of) iemand die vertrekt (+audio)
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    nakijken