meesleuren

werkw.
Uitspraak:  ['meslørə(n)]
Vervoegingen:  sleurde mee (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft meegesleurd (volt.deelw.)

door kracht of invloed aanzetten tot navolging van gedrag
Voorbeelden:  `Het meisje werd door haar moeder aan haar arm meegesleurd naar huis.`,
`je door je gevoelens laten meesleuren`,
`Beste lezers, laat u niet meesleuren in deze gestuurde misleiding door belangengroepen!`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
grijpen meeslepen meetrekken meetronen

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Grijpen 2) Meeslepen 3) Meetrekken 4) Meetronen 5) Ruw voortslepen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `meesleuren`.