het meervoud

zelfst.naamw.
Uitspraak:  ['mervɑut]
Verbuigingen:  meervoud|en (meerv.)

vorm van een woord waaraan je ziet dat het om meer dan één gaat taalkunde
Voorbeeld:  `'Media' is het meervoud van 'medium'.`
Antoniem:  enkelvoud

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
meerderheid pluralis enkelvoud (antoniem)

Taaladvies
Is het `Wij hadden last van onze maag` of `Wij hadden last van onze magen`? Zie Enkelvoud / meervoud: last van onze maag / magen

7 definities op Encyclo
  • •woord dat in die vorm aan meerdere voorwerpen, mensen of dieren refereert.
  • vorm die je gebruikt om aan te geven dat het om meer dan één persoon of ding gaat vb: het meervoud van 'kip' is 'kippen'
  • [Nederlands] - Met meervoud, of pluralis, worden die taalkundige vormen aangegeven die betrekking hebben op meer dan één zaak. Meervoud komt voor bij het zelfstandig n...
  • [taal] - In de taalkunde wordt met meervoud het verschijnsel bedoeld dat aan de vorm van een woord te zien valt dat het om meer dan één exemplaar van een aangeduid beg...
  • [tijdschrift] - Meervoud is een groep van uitgesproken linkse flaminganten, die een gelijknamig tijdschrift uitgeven. Bekende namen zijn: Bernard Daelemans, Christian Du...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met meervoud:
    meervoudenmeervoudigmeervoudigepersoonlijkheidsstoornismeervoudigheidmeervoudsvormen

    Deze woorden eindigen op meervoud:
    majesteitsmeervoud

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    meervoud (pluralis)