het legaat

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [le'xat]
Verbuigingen:  le|gaten (meerv.)

bezit van een overledene dat volgens zijn of haar testament wordt verdeeld

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
boed boedel erfboedel erfenis erfgoed nalatenschap onderbevelhebber

25 definities op Encyclo
  1. (oude rechtstermen:) beschikking in een testament dat sommige goederen of geldsommen aan bepaalde personen of instellingen worden toegekend.
  2. Men vermaakt in een testament een omschreven zaak of een vastgelegd geldbedrag. In meer ambtelijke taal: een legaat is een erfmaking (iemand tot erfgenaam benoemen) c.q. ...
  3. Het legaat is een testamentaire beschikking waarbij de erflater bepaalde goederen aan een legataris toekent. Ook de goederen zelf worden een legaat genoemd. Er zijn drie ...
  4. geld of een goed dat een overledene via een testament aan een bepaalde persoon of instelling heeft nagelaten.
  5. Legaat is het vermaken van een omschreven zaak of een vastgelegd geldbedrag in een testament.
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. legaat (gezant)
  2. legaat (testamentaire beschikking)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 89% van de Nederlanders en 89% van de Vlamingen het woord `legaat`.