de leest

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [lest]
Verbuigingen:  leest|en (meerv.)

1) deel van je lichaam tussen de onderkant van je borstkas en je heupen
Synoniemen:  taille, middel

2) metalen hulpmiddel dat door schoenmakers wordt gebruikt
op dezelfde leest geschoeid  (op vergelijkbare manier ontworpen of samengesteld)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
middel taille vorm

Spreekwoorden en zegswijzen
• zijn buik op de leest slaan (=teveel eten)
• schoenmaker blijf bij je leest (=hou je niet bezig met dingen waar je niets van weet.)
• op een andere leest schoeien (=op een andere manier aanpakken)
• op dezelfde leest geschoeid zijn (=erg op elkaar lijken)
Naar de spreekwoorden

14 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), gestalte, vorm (des lichaams); vorm (van schoenen, kousen enz.); [bij schoenmakers] ) op de - slaan, zetten; [figuurlijk] het...
  2. Uit `De lagere vaktalen: Timmermanstaal` 1914 wigvormige draagplank onder den stijl van een kozijn.
  3. Uit `De lagere vaktalen: De leerlooiers-, zadelmakers- en schoenmakerstaal` 1914 vorm waar men den schoen op maakt. In de woordenboeken staat het vr. Bij ons en ook in We...
  4. Spreekwoorden: (1914) Op dezelfde leest schoeien, d.w.z. op dezelfde wijze inrichten of (indien men schoeien intransitief opvat) op dezelfde wijze ingericht zijn, van het...
  5. smalste deel van je romp vb: zij heeft een slanke leest Synoniemen: middel taille houten of metalen vorm waar schoenen op gemaakt worden vb: hij zette de schoen eerst op ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met leest:
leestafelleestekenleestekensleestekstleesten

Deze woorden eindigen op leest:
beleestbloemleestverleestvleest

Herkomst volgens etymologiebank.nl
leest (mal voor schoenen; vorm van het lichaam)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `leest`.