kraakwacht

zelfst.naamw. (de)
Verbuigingen:  kraakwachten

groep tijdelijke huurders die een leegstaand pand bewonen om te voorkomen dat dit gekraakt wordt
Voorbeeld:  `Het is al zo erg geworden met de woningnood dat er al wachtlijsten zijn om voor kraakwacht in aanmerking te komen.`


Bron: WikiWoordenboek.

Deze woorden beginnen met kraakwacht:
kraakwachten

Deze woorden eindigen op kraakwacht:
antikraakwacht

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kraakwacht