de kolf

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [kɔlf]
Verbuigingen:  kolven (meerv.)

1) gedeelte van een vuurwapen waarmee je het vasthoudt
Voorbeeld:  `Voor je de trekker overhaalt, moet je de kolf van je geweer stevig tegen je schouder drukken.`

2) deel van een maisplant waaraan de korrels zitten
Voorbeeld:  `maiskolf`

3) bolle, glazen laboratoriumfles

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
erlenmeyer greep

Spreekwoorden en zegswijzen
• een kolfje naar zijn hand zijn (=dingen die hij erg graag doet)
• de kolf naar de bal werpen (=het opgeven)
• dat is een kolfje naar zijn hand (=dat kan hij wel aan)
Naar de spreekwoorden

10 definities op Encyclo
  1. •een instrument voor het afzuigen en opvangen van moedermelk. •het kolfspel dat nog in een beperkt aantal plaatsen in met name Noord-Holland gespeeld wordt. •een sl...
  2. pomp waarmee moedermelk uit de borst kan worden afgetapt
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (...ven), onderdeel van eene snaphaan; korte knods; biljartstok; [in de scheikunde] ) gesloten glas met wijden buik en gebogen hals;...
  4. (Bargoens, 1914) mes
  5. Een aarvormige bloeiwijze met een verdikte, vlezige hoofdas.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kolf:
kolfdekolfdenkolfjekolfjeskolft

Deze woorden eindigen op kolf:
maïskolfgeweerkolfmaatkolfrondkolf

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kolf (voorwerp met verdikt of bolvormig uiteinde; soort fles)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `kolf`.