de kokosnoot

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  ['kokɔsnot]
Verbuigingen:  kokos|noten (meerv.)

vrucht van de kokospalm met een harde houtige schil en wit vruchtvlees
Synoniem:  klapper

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
klapper klappernoot

6 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1914 COCOS NUCIFERA L. Kokronoto, n.e. Koko, pap. De kokospalm komt in Suriname over 't geheel genomen sporadisch voor, uitgezonderd in het district ...
  2. ovale, harde vrucht van kokospalm vb: het witte vruchtvlees van de kokosnoot wordt veel gegeten
  3. • [plantkunde] een holle vrucht van de kokospalm met wit vruchtvlees en een vezelige bast.
  4. 1) Boomvrucht 2) Fruit 3) Grote vrucht 4) Harde tropische vrucht 5) Kalappa 6) Klapper 7) Klappernoot 8) Kokosvrucht 9) Nargil (Perzisch) 10) Noot 11) Oliehoudend gewas 1...
  5. Kokosnoot of klapper is eigenlijk geen noot maar een steenvrucht van de kokospalm, waarvan het mesocarp (het vruchtvlees) niet vlezig maar vezelig is. Daarbinnen zit het...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kokosnoot (vrucht van de kokospalm)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `kokosnoot`.