klokspijs

zelfst.naamw. (de)
Verbuigingen:  klokspijzen

1) legering waarvan men klokken giet, te weten in de regel een mengsel van ongeveer 80% koper, 18-24% tin en maximaal 4% verontreiniging

2) Voedsel of lekkernijen die men graag of makkelijk eet.


Bron: WikiWoordenboek.

Spreekwoorden en zegswijzen
• er ingaan als klokspijs (=er gemakkelijk ingaan (voedsel of wat gezegd wordt))
• dat gaat erin als klokspijs (=dat gaat er gemakkelijk in)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je met klokspijs een ander begrip versterken?
erin gaan als klokspijs;

3 definities op Encyclo
  1. Spreekwoorden: (1914) Dat gaat er in als klokspijs, d.w.z. dat gaat er gemakkelijk in. Onder klokspijs verstaat men in den eig. zin metaal, waarvan klokken gegoten worden...
  2. 1) Metaal voor het klokkengieten 2) Spijs
  3. legering - Klokspijs is het metaal waarvan klokken worden gegoten. Het bestaat uit koper (rond de 80%), en 18-24% tin en maximaal 4% verontreiniging. ==Uitdrukking== D...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
klokspijs (metaal voor het klokkengieten)