kleine

zelfst.naamw.
Verbuigingen:  kleinen
Verbuigingen:  kleintje

1) een klein persoon
Voorbeeld:  `Die kleine kon er niet goed bij, maar hij kreeg hulp van zijn maatje.`

2) een kind, kleuter
Voorbeeld:  `Moet die kleine nog niet naar bed?`

3) een kleine: net iets minder dan het later genoemde
Voorbeeld:  `Hij woont een kleine kilometer van zijn school af.`


Bron: WikiWoordenboek.

Spreekwoorden en zegswijzen
• wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd. (=je moet waardering hebben voor het geringe.)
• uit de kleine kinderen zijn (=geen kleine kinderen meer moeten opvoeden)
• met het kleine begint men bij het grote houdt men op (=van de kleine misdaad komt men vanzelf in de grote misdadigheid terecht)
kleine vossen bederven de wijngaard. (=kleine fouten kunnen zorgen voor grote problemen in het geheel)
kleine potjes hebben ook oren / Kleine potjes hebben grote oren (=ook kleine kinderen luisteren mee)
Toon alle 15 spreekwoorden die kleine bevatten

4 definities op Encyclo
  1. •verbogen vorm van de stellende trap van klein. (+audio)
  2. 1) Baby 2) Jong kind 3) Jonge 4) Kind 5) Klein jongetje of meisje 6) Klein mens 7) Nederlandse schaatsenrijder 8) Nederlandse schaatser 9) Zeer jong kind
  3. Vlaamse woorden (m.) zoon, kind
  4. Tiendweg - Kleine (Tiendweg) Molen is een wipmolen in Streefkerk in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De molen maakte vroeger deel uit van een molengang met drie ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kleine:
kleine beerkleine burgemeesterkleine modderkruiperkleineerkleineerdekleineerdenkleineertkleinerenkleinetertstoonaardkleinetertstoonladderkleinetertstoonschaalkleinetertstoonsoort

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kleine

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `kleine` kennen.