ketteren als dialectwoord
hard rennen (Lottums)   fel donderen (Knesselaars)  

2 definities op Encyclo
  • 1.kletteren, knetteren, kletsen, ketsen, weergalmen Voorbeeld: ‘De vogels rond hem ketterden zo luide dat hij er in verdoolde en 't al dooreen voelde lopen in een weeldig klankenspel dat heel de bosruimte vulde’ - 2.(ook van licht) Voorbeeld: ‘De zonne kettert in de kruinen’
  • 1) Uitvaren 2) Vloeken 3) Heilig schendende taal uitslaan 4) Als een ketter te keer gaan 5) Uitvaren en tekeergaan 6) Schelden 7) Tieren 8) Razen 9) Uitvaren tegen iemand
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op ketteren:
etiketterenverketterenkoketteren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
ketteren

Op andere websites
Zoek ketteren in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek ketteren op Google
Zoek ketteren op Woordenlijst.org
Zoek ketteren in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek ketteren op Wikipedia