jouw

pronoun
Uitspraak:  [jɑu]

<je zegt dit woord als iets is van degene tegen wie je praat>
Voorbeeld:  `Ga zitten, dit is jouw plaats.`
Synoniem:  je

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
je

Taaladvies
  1. Jou / jouw: Waar staat er een w in Ik heb jou(w) jou(w) auto zien parkeren?
  2. Jouw / je gegevens: Is het Je kunt jouw gegevens op elk moment aanpassen of Je kunt je gegevens op elk moment aanpassen?


6 definities op Encyclo
  1. • [informeel] van jou.
  2. bezittelijk: hij is van die andere persoon vb: is jouw kamer al netjes? Synoniem: je
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. bespotting. ~EN, [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik jouwde, heb gejouwd), bespotten, beschimpen.
  4. 1) Bezittelijk voornaamwoord 2) Je 3) Niet van mij 4) Van jou 5) Van jouw 6) Voornaamwoord
  5. bepaald driehoekig schepnet voor de vangst van kleine vis. Mogelijk een plaatselijke term. Slechts
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met jouw:
jouw najouw uitjouwdejouwdenjouwejouwenjouwt

Deze woorden eindigen op jouw:
versjouw

Herkomst volgens etymologiebank.nl
jouw = jou (voornaamwoord)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `jouw`.