intunen

werkw.
Afbreekpatroon:  'in - tu - nen
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  tunede in (verl.tijd )
Vervoegingen:  ingetuned (volt.deelw.)

ergens op afstemmen
Voorbeelden:  `op elkaar ingetuned zijn`,
`intunen op een bepaalde radiozender`


Herkomst volgens etymologiebank.nl
intunen