de insluiper
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | [ˈɪnslœypər] |
| Afbreekpatroon: | in·slui·per |
| Verbuigingen: | insluipers (meerv.) |
iemand die ergens zonder in te breken binnendringt om te stelen | Voorbeeld: | `opeens een insluiper in je huis aantreffen` | |
Synoniemen
binnendringer indringer 1 definitie op Encyclo
- 1) Dief 2) Binnendringer 3) Inbreker 4) Indringer 5) Infiltrant 6) Binnensluipende dief 7) Heimelijke indringer
Toon uitgebreidere definitiesTaaladvies
Schrijf je dit Duitse leenwoord in het Nederlands met of zonder hoofdletter?
Zie fremdkörper / FremdkörperVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de insluiper' of 'het insluiper'?
Het is 'de insluiper', want insluiper is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die insluiper'.
Wat is het meervoud van insluiper?
Het meervoud van insluiper is 'insluipers'. Eén insluiper, twee insluipers.
Wat betekent insluiper?
'iemand die ergens zonder in te breken binnendringt om te stelen'
Hoe spel je insluiper?
insluiper spel je I N S L U I P E R
Wat is een ander woord voor insluiper?
Andere woorden voor insluiper zijn binnendringer en indringer.Op andere websites
Zoek insluiper in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek insluiper op
Google
Zoek insluiper op
Woordenlijst.org
Zoek insluiper in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek insluiper op
Wikipedia