inroepen

werkw.
Uitspraak:  ['ɪnrupə(n)]
Vervoegingen:  riep in (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft ingeroepen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) verzoeken om (hulp)
Voorbeelden:  `de hulp van de wegenwacht inroepen als je met pech langs de weg staat`,
`de bemiddeling van een vertrouwenspersoon inroepen als je baas je seksueel benadert en je dat niet wilt`
Synoniem:  vragen om

2) een beroep doen op (een voorbehoud of recht) juridisch
Voorbeelden:  `een ontbindende voorwaarde inroepen`,
`je legitieme portie inroepen als je ouders je onterfd hebben`

3) naar voren brengen
Voorbeeld:  `overmacht als excuus inroepen`
Synoniem:  aanvoeren

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanroepen inviteren

Taaladvies
Inroepen / aanvoeren: (een argument - ) Is een argument inroepen correct?

2 definities op Encyclo
  1. 1) Aanroepen 2) Een beroep doen op 3) Hulp vragen 4) Inschakelen 5) Inviteren 6) Verzoeken 7) Vindiceren 8) Vragen
  2. [Belgisch Nederlands] ter verdediging gebruiken
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 93% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `inroepen`.