immobiliseren

werkw.
Afbreekpatroon:  im - mo - bi - li - 'se - ren
Herkomst:  «Frans
Vervoegingen:  immobiliseerde (verl.tijd )
Vervoegingen:  geïmmobiliseerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) bewegingsloos maken medisch
Voorbeelden:  `een gebroken arm immobiliseren door er gips omheen te doen`,
`een gekwetste arm of been immobiliseren met een spalk`
Synoniem:  onbeweeglijk maken

2) gedwongen worden om af te wachten politiek
Voorbeeld:  `Moslimstrijders laten zich niet immobiliseren door een diplomatieke aanval.`
Synoniem:  gedwongen zijn werkeloos toe te zien


Synoniemen
blokkeren

3 definities op Encyclo
  1. Bewegingsloos maken
  2. 1) Blokkeren 2) In zijn vaart belemmeren 3) Onbeweeglijk maken 4) Vastzetten
  3. Zie conditioneren.
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 94% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `immobiliseren`.