• zonder strijd, geen overwinning (=na grote inspanning wordt succes pas bereikt) • zijn hoed zit altijd op zijn hoofd (=hij groet nooit iemand) • zijn haan moet altijd koning kraaien (=hij wil altijd de baas zijn) • zeeën van tijd hebben (=ergens erg veel tijd voor hebben) • wijd van huis is altijd rijk. (=iemand die van ver komt, kan makkelijk liegen.) Toon alle 126 spreekwoorden die ijd bevatten
1 definitie op Encyclo
[Vergeten woorden] (bn.), ijdig werkzaam, vlijtig, bezig, actief [= Fries iid in namen als Ide, Yde ‘werkzame, vlijtige’, ~ ijden]