hus als dialectwoord
huis (Snekers)   huis (Fries)   bijna (Betuws)   bijna (Culemborgs)   huis (Culemborgs)   huis (Brees)  
Toon alle 11 dialectwoorden

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo oud als Methusalem zijn (=iemand die bijzonder oud is)
• een Pyrrhusoverwinning behalen (=winnen wat zoveel heeft gekost dat je de volgende ronde niet meer aan kan)
• aan Bacchus offeren (=te veel alcoholhoudende drank nuttigen)
Naar de spreekwoorden

4 definities op Encyclo
  • 1) Reformator 2) Tsjechische kerkhervormer 3) Tsjechische hervormer 4) Boheemse hervormer 5) Troep 6) Kerkhervormer 7) Theoloog 8) Hervormer
  • hemolytisch uremisch syndroom
  • hemolytisch-uremisch syndroom; een ernstig acuut tekortschieten van de nierfunctie, vaak na een maag-darminfectie, treedt voornamelijk bij kinderen op
  • troep (toon de herkomst via de etymologiebank)
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met hus:
hushkittenhuskyhusselenhussiethussitisch

Deze woorden eindigen op hus:
rhonchusbronchus

Herkomst volgens etymologiebank.nl
hus (troep)

Op andere websites
Zoek hus in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek hus op Google
Zoek hus op Woordenlijst.org
Zoek hus in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek hus op Wikipedia