I hurken

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [ˈhʏrkə(n)]

op je hurken zitten  (met gebogen knieën op je voeten zitten)


II hurken

werkw.
Uitspraak:  [ˈhʏrkə(n)]
Vervoegingen:  hurkte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gehurkt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

op je hurken gaan zitten
Voorbeeld:  `De dokter hurkte bij het kind dat was aangereden door een auto.`
Synoniem:  neerhurken

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
neerhurken

7 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. mv. op de - zitten, met gebogen knieën op den grond zitten. ~, ow. [gelijkvloeiend] (ik hurkte, heb gehurkt), op de hurken zitten; ...
  2. Hurken is het naar de grond gaan door de knieën te buigen.
  3. •op de eigen onderbenen gaan zitten .
  4. 1) Buigen door de kieën ( crypt.) 2) Buigen door de knieën 3) Door de knieen buigen 4) Door de knieën gaan 5) Door de knieën zakken 6) Flokken 7) Met doorgezakte knie...
  5. Op je `hurken` zitten wil zeggen: met gebogen knieën zo zitten, dat de billen op de hielen rusten zonder de grond te raken. In deze context is hurken dus een zelfstandi...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op hurken:
schurken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
hurken (zich krommen met gebogen knieën)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `hurken` kennen.