de haan

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [han]
Verbuigingen:  hanen (meerv.)

mannelijke kip
Voorbeeld:  `een haan op de kerktoren`
Daar kraait geen haan naar.  (niemand merkt het op)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
mannelijk hoen trekker van vuurwapen

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo rood worden als een kalkoense haan (=bloedrood worden (van schaamte))
• zijn haan moet altijd koning kraaien (=hij wil altijd de baas zijn)
haantje de voorste (=voortrekker - wie altijd op het voorplan wil staan)
• geen haan zal er naar kraaien (=niemand zal het weten)
• er zal geen haan naar kraaien (=dat zal niemand te weten komen)
Toon alle 8 spreekwoorden die haan bevatten

Intensiveringen
Hoe kun je met haan een ander begrip versterken?
fier als een haan; rood als een kalkoensche haan;

20 definities op Encyclo
  1. Altijd al willen weten waarom er een haantje op sommige kerken staat? Dan volgt hier nogmaals de verklaring: De haan siert protestantse kerken. Alleen op katholieke kerke...
  2. waakzaam, strijdlust. Of: zelfoverschatting.
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (hanen), mannetjesvogel [inzonderheid] eener hen); kapoen; een - snijden, ontmannen; [figuurlijk] zijn - kraait koning, hij behaalt ...
  4. het mannelijk geslacht der korhoenders, fazanten, patrijzen en kwartels
  5. Mannelijke kip, hoenderachtige of loopvogels (z.o. hen)..
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met haan:
haantjehaantje-de-voorstehaantjesgedrag

Deze woorden eindigen op haan:
afghaanLesothaanauerhaanbroommethaanwindhaanweerhaansprinkhaanzeehaanmethaanethaanlanthaanbidsprinkhaantreksprinkhaankemphaan

Herkomst volgens etymologiebank.nl
haan (mannetje bij de hoenderachtigen)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `haan` kennen.