gister

bijwoord
Uitspraak:  ['xɪstər]

gisteren informeel

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
gisteren

Spreekwoorden en zegswijzen
• niet van vandaag of gisteren (=niet dom)
• niet van gisteren zijn (=veel weten, veel begrijpen en snel doorhebben)
• had je me gisteren gehuurd dan was ik vandaag je knecht geweest (=je moet zo niet commanderen - dat doe ik gewoon niet!)
Naar de spreekwoorden

2 definities op Encyclo
  1. •de laatste dag die voltooid is.
  2. 1) Bijwoord 2) Dagaanduiding 3) Deel van een week 4) Gisteren 5) Tijdsaanduiding 6) Tijdsbepaling
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met gister:
gisteravondgisterengisterenavondgistermiddaggisterochtend

Deze woorden eindigen op gister:
aandeelhoudersregisterregisterantenneregistersamenlevingsregisterscheepsregisterschuifregisterstamregistertrouwregisterpartnerregisterpersoonsregisterpolitieregisterrijksregisterrouwregisterkiesregisterkiezersregisteropsporingsregisterorgelregisterhuwelijksregisterkasregisterdagregister

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 89% van de Nederlanders en 56% van de Vlamingen het woord `gister`.