het gis-klein

zelfst.naamw.
Uitspraak:  se'klɛɪn

1) het akkoord gis - b - dis, de kleine drieklank op de eerste trap van de gis-kleinetertstoonladder
Voorbeeld:  `Het akkoord heet gis-klein naar de kleine terts: gis - b.`

2) de toonsoort waarvan #1 het grondakkoord is
Voorbeeld:  `Een wals in gis-klein.`


Bron: WikiWoordenboek.

Deze woorden beginnen met gis-klein:
gis-kleinakkoordgis-kleinetertstoonaardgis-kleinetertstoonladder