giechelen

werkw.
Uitspraak:  xixələ(n)]
Vervoegingen:  giechelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gegiecheld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(van meisjes) samen zachtjes lachen
Synoniem:  giebelen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
giebelen ginnegappen

Intensiveringen
Hoe kun je giechelen krachtiger uitdrukken?
giechelen als een schoolmeisje;

4 definities op Encyclo
  1. zachtjes en onderdrukt lachen vb: de meisjes zaten achterin de kerk te giechelen
  2. •een snelle, wat ingehouden vorm van lachen.
  3. 1) Giebelen 2) Gieren 3) Ginnegappen 4) Grinniken 5) Halfgesmoord lachen 6) Manier van lachen 7) Onderdrukt lachen
  4. halfgesmoord lachen Jaar van herkomst: 1573 (Plantijn )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
giechelen (ingehouden lachen op hoge toon)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `giechelen` kennen.