het gewoontedier
zelfst.naamw.
| Uitspraak: | [xəˈwontədir] |
| Afbreekpatroon: | ge·woon·te·dier |
| Verbuigingen: | gewoontedieren (meerv.) |
iemand die vasthoudt aan oude gewoonten | Voorbeeld: | `De leaserijder is een gewoontedier; dat blijkt uit de keuze van het merk leaseauto, de radiokeuze en een aantal dagelijkse rituelen.` | |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de gewoontedier' of 'het gewoontedier'?
Het is 'het gewoontedier', want gewoontedier is onzijdig. Als je het aanwijst is het 'dat gewoontedier'.
Wat is het meervoud van gewoontedier?
Het meervoud van gewoontedier is 'gewoontedieren'. Eén gewoontedier, twee gewoontedieren.
Wat betekent gewoontedier?
'iemand die vasthoudt aan oude gewoonten'
Hoe spel je gewoontedier?
gewoontedier spel je G E W O O N T E D I E R Op andere websites
Zoek gewoontedier in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek gewoontedier op
Google
Zoek gewoontedier op
Woordenlijst.org
Zoek gewoontedier in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek gewoontedier op
Wikipedia