de generalist

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [xenəra'lɪst]
Verbuigingen:  generalist|en (meerv.)

de generalist|e

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [xenəra'lɪst|ə]
Verbuigingen:  generaliste|n (meerv.)

iemand die veelzijdig is op zijn vakgebied maar geen specialist is
Voorbeelden:  `Generalisten zijn ruim inzetbaar, maar als het er echt om gaat heb je een specialist nodig.`,
`Een generalist weet weinig van veel, een specialist veel van weinig.`
Antoniem:  specialist

© Kernerman Dictionaries.

6 definities op Encyclo
  1. •iemand die zich bezig houdt met de hoofdlijnen. (+audio)
  2. niet-specialist Jaar van herkomst: 1984 (GVD )
  3. 1) Huisarts
  4. Fr: généraliste [rechtswetenschap] Latijn: breedgeschoolde jurist die in vele vak- en rechtsgebieden inzetbaar is, evenwel niet in de diepte…
  5. Met een generalist bedoelt men iemand die niet ergens (beroepsmatig) in is gespecialiseerd maar over allerlei onderwerpen een behoorlijke basiskennis heeft. Er is echter...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met generalist:
generalisten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
generalist (niet-specialist)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `generalist`.