de druil

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  druilen
Verbuigingen:  druiltje

1) de achterste mast op een loggergetuigd schip

2) het zeil aan de achterste mast op een loggergetuigd schip


Bron: WikiWoordenboek.

5 definities op Encyclo
  1. scheepvaart de achterste mast op een loggergetuigd schip. • scheepvaart het zeil aan de achterste mast op een loggergetuigd schip.
  2. minnespel
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-en), (zeew.) bootszeil, broodwinder; sluimering, in den -. ~EN, ow. gelijkvloeiend (ik druilde, heb gedruild), talmen; sluimeren...
  4. 1) Besluiteloze zeurkous 2) Deel van een schip 3) Driehoekig zeiltje 4) Hangbroek 5) Klein driehoekig zeil 6) Klein driehoekig zeil aan het achtersteven 7) Klein en drieh...
  5. De druil is een in verhouding erg klein zeil aan de achterste mast (druilmast) van een yawlgetuigde zeilboot. De druil kan veel vormen hebben als bermuda-, gaffel-, gunt...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met druil:
druildedruildendruilendruilerigdruilmastdruiloordruilorendruiltdruilzeil

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. druil (klein zeil aan achtermast)
  2. druil (talmer)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 77% van de Nederlanders en 72% van de Vlamingen het woord `druil`.