dooien

werkw.
Uitspraak:  [ˈdojə(n)]
Vervoegingen:  dooide (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gedooid (volt.deelw.)

niet meer vriezen
Voorbeeld:  `Als het dooit smelt de sneeuw.`

© Kernerman Dictionaries.

3 definities op Encyclo
  • • [onpr] [meteorologie] het stijgen van de buitentemperatuur boven het vriespunt waardoor alle ijs en sneeuw begint te smelten. •tweede betekenisomschrijving. •enz.
  • ophouden te vriezen Jaar van herkomst: 1287 (CG NatBl )
  • 1) Boven nul 2) Boven nul graden zijn 3) Doen smelten 4) Na vorst boven het vriespunt zijn 5) Niet meer vriezen 6) Smelten 7) Smelten van sneeuw of ijs
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op dooien:
    ontdooien

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    dooien (smelten van ijs; niet vriezen)